Niet alleen kracht: boulderen doe je met je voeten

Als je iemand ziet boulderen, denk je misschien dat je er heel sterk voor moet zijn; met name in je armen of nog preciezer in je biceps. Je voeten hangen er maar los bij. Moet je er dikke spieren voor hebben? Nee: ook techniek en voetplaatsing zijn belangrijk.

In deze blogpost gaan we het hebben over de voeten. In plaats van alleen je armen te gebruiken kun je slimmer boulderen door ook je voeten goed te plaatsen. In plaats van te hangen met je volle gewicht, zullen je benen een deel van dat gewicht dragen. De huid van je handen zal je dankbaar zijn, want er komt minder wrijving tussen je handen en de grepen. De kans op huidwondjes wordt kleiner én je kunt langer boulderen!

Als je voor de eerste keer bouldert, is het nog allemaal spannend. Van tevoren een boulderroute inlezen gaat nog niet (snel), dus ga je waarschijnlijk pas op de muur kijken waar alle hand- en voetgrepen zitten. Dat is niet erg; ga lekker met je eigen tempo aan de slag. Later als je meer ervaring hebt kun je boulderroutes herkennen, onthouden en inbeelden hoe je die route zou kunnen behalen. Begin met een rechte (verticale) muur.

Boulderroutes voor beginners lijken vaak op een ladder. Met je hand pak je de volgende greep. Dan stap je met je voet een treetje hoger en ga je staan. Dit herhaal je een aantal keer: hand, voet, opstaan. Totdat je de eindgreep met twee handen vast hebt.

Zit je vast omdat je niet bij de volgende handgreep kan? Dan is de oplossing vaak dat je iets hoger moet gaan staan. Kijk goed onder en naast je of er een geschikte voetgreep aanwezig is. Of misschien sta je niet helemaal goed:

  • Probeer op je tenen (met name je grote teen) te staan.
  • Probeer met je rug en benen rechtop te staan.
  • Je handen zijn ter hoogte van je bovenlichaam. Houd je lichaam dicht tegen de muur door je armen te buigen.

Durf je met je sportschoenen niet zo goed op je tenen te staan? Probeer dan eens klimschoenen!